Home

16 augustus   De weg naar het ware geluk




Carthago het jaar 413-414

Naar het land van volkomen geluk, verlangen allen; maar niet allen zoeken het op de juiste wijze. Wat ons betreft, moeten wij ons niet een weg bedenken naar eigen inbeelding; ook moeten wij ons geen dwaalwegen aanleggen: want vanuit dat land komt de weg tot bij ons. Wat wil iemand die gelukkig is, wat wil hij anders dan: niet teleurgesteld worden, niet sterven, niet lijden? Wat verlangt hij dan nog? Meer honger, om meer te eten? Is het dan niet verkieslijker, geen honger meer te voelen? Niemand is echt gelukkig, als hij niet eeuwig leeft, zonder enige vrees en zonder enige verwikkeling. Vandaar die vraag aan de Heer van die rijke jongeman: "Wat voor goeds moet ik doen om eeuwig leven te verwerven?" De Heer geeft hem ten antwoord: "Onderhoud de geboden". De jongeman zegt: "Die heb ik allemaal onderhouden". Wat zegt de Heer dan, op dat antwoord van de jongeman over de geboden? "Als gij het leven wilt binnengaan". De Heer zegt hem niet: een gelukkig leven; omdat een leven getekend door droefheid zelfs geen leven moet worden genoemd; Hij zegt hem niet: een eeuwig leven; omdat ook een leven getekend door angst voor de dood, zelfs geen leven moet worden genoemd. Het leven dus dat deze naam van leven verdient, is alleen het gelukkige leven; en gelukkig is alleen het eeuwige. Dit leven wensen alle mensen; dit wensen wij allen: waarheid en leven; maar langs welke weg komt men tot dat machtig bezit, tot dat grootse geluk? Wijsgeren hebben dwaalwegen uitgedacht, sommigen zeiden: hierlangs; anderen: niet hierlangs, maar daarlangs. De eigenlijke weg bleef hun verborgen omdat "God de hovaardigen weerstaat". Ook voor ons zou hij verborgen blijven als de "weg" niet naar ons was toegekomen. De Heer zegt dan ook: "Ik ben de weg". Trage reiziger, Gij wilde niet naar de "weg" komen; nu is de "weg" naar u gekomen. Gij zocht waarlangs gij zoudt gaan? "Ik ben de weg". Gij zocht waarheen gij zoudt gaan; "Ik ben de waarheid en het leven". Gij zult u niet vergissen als gij langs Christus naar Christus gaat. Dit is de christelijke leer, niet alleen te vergelijken met maar onvergelijkelijk te verkiezen boven de verschillende opvattingen van de wijsgeren, de gemeenheden van de Epicuristen, de hoogmoed van de Stoïcijnen.