Home
4 februari Het keerpunt
Dat zei ik en ik schreide in de bitterste vermorzeling van mijn hart. En ineens, daar hoor ik een stem uit de naburige woning, als van een jongen of een meisje, dat weet ik niet, op zingende toon zeggen en telkens herhalen: Neem, lees; neem, lees. Meteen veranderde mijn gezicht en begon ik met de grootste inspanning na te denken, of kinderen bij een of ander spel gewoonlijk iets dergelijks zongen, maar ik herinnerde mij helemaal niet het ergens gehoord te hebben. Ik onderdrukte de aandrang van mijn tranen en stond op: de enige uitleg die ik kon geven was deze, dat mij van Godswege werd bevolen, het boek te openen en het eerste hoofdstuk te lezen, dat ik zou vinden. Want ik had gehoord over Antonius dat hij toevallig tijdens het voorlezen van het evangelie was binnengekomen, en daarin een aansporing had gekregen alsof het hém gezegd werd wat daar werd gelezen: "Ga, verkoop wat gij bezit en geef het aan de armen; daarmee zult gij een schat in de hemel bezitten. En kom dan terug om Mij te volgen." Door zulk een godsspraak had hij zich terstond tot U bekeerd. Ik had dan ook de grootste haast om terug te keren naar de plaats waar Alypius zat, want dáár had ik het boek van de apostel gelegd, toen ik er was opgestaan. Ik greep het, deed het open en las zwijgend het gedeelte waar mijn ogen het eerst op vielen: "Niet in braspartijen en drinkgelagen, niet in ongeoorloofde gemeenschap en losbandig gedrag, niet in twist en ijverzucht; maar bekleedt u met de Heer Jezus Christus, en koestert geen zondige begeerten meer". Verder lezen wilde ik niet, en het was niet nodig ook. Want meteen, bij het einde van deze zin stroomde als het ware het licht van de zekerheid mijn hart binnen en al de duisternis van de twijfel verdween.