Home

15 december  Nederigheid

Leer mij uw wil te doen




Verheffing kan van geen nut voor ons zijn als wij ons eerst niet hebben vernederd, ten einde ons te herinneren dat wij uit de diepte omhoog moeten gaan. De Heer heeft ons inderdaad geleerd dat wij ons uit dit tranendal moeten verheffen, toen Hij het niet beneden zich heeft geacht zich voor ons te vernederen tot het ondergaan van de kruisdood. Verliezen wij dit voorbeeld niet uit het oog; de martelaren hebben dat dal der tranen begrepen. Vanwaar dat begrip? Ja, vanwaar? Omdat ook zij uit het tranendal omhoog zijn gegaan om gekroond te worden. Want van hen wordt elders gezegd: "Zij gingen onder tranen voort en strooiden hun zaad". Dit is het tranendal waar, onder tranen het zaad wordt gestrooid. Welk zaad is dat dan? Het goede doen, temidden van de aardse beproevingen. Wie het goede doet in dit tranendal gelijkt op een man die 's winters zaait. Laat hij zich soms door de koude van zijn werk afschrikken? Zo moeten wij ons ook niet door de wederwaardigheden van de wereld van het goede laten afschrikken; want gij ziet wat er volgt: "Zij gingen", zegt de psalmist, "onder tranen en strooiden hun zaad". Wel beklagenswaard, als zij altijd weenden; wel beklagenswaard, als nooit hun tranen zouden worden afgewist. Let echter op wat volgt: "Ja zeker, zij zullen komen met gejuich, beladen met hun schoven". Deze gezangen leren ons niets anders dan dat wij omhoog moeten gaan; maar dan, omhoog met het hart, omhoog met de goede gesteltenis, met geloof, hoop en liefde, met het verlangen naar de eeuwigheid en naar een leven zonder einde. Zo gaat men omhoog. Het is onze plicht u te zeggen hoe men omhoog moet gaan. Welk een verschrikkelijke bedreigingen hebt gij zojuist uit het evangelie horen voorlezen! Gij merkt er zeker wel op "dat het uur van de Heer komt als een dief in de nacht". Nu zegt gij bij uzelf: Wie kent dan dat uur waarop Hij zal komen, omdat het uur komt als een dief? Waak daarom steeds, omdat gij het uur niet weet waarop Hij zal komen; zorg er dus voor, dat het u bereid vindt als het komt, omdat gij niet weet wanneer het komt. Misschien is het daarom wel onbekend wanneer Hij zal komen, opdat gij altijd bereid zoudt zijn.